Nieuw investeringsproject welwillend ontvangen

Harlingen, 31 augustus 2018 – Deze zomer hebben vennootrelaties van JR Shipping, investeerders die door middel van deelname in scheepsparticipaties nauw bij de rederij betrokken zijn, ingestemd met de overdracht van elf containerfeeder schepen aan een Engelse financier. De schepen werden geëxploiteerd binnen de JR Fleet Fund CV. In december 2017 nam de Engelse financier de schuldenlast die op deze CV rustte over van een Duitse scheepsbank. De chartertarieven voor containerfeeder schepen zijn in de afgelopen tien jaar op een te laag niveau blijven liggen. De financiële balans van JR Fleet Fund CV verslechterde daardoor in de afgelopen jaren verder. De rederij vertrouwt erop dat de tarieven voor containerfeeder schepen geleidelijk verder gaan herstellen, maar de kentering ten goede komt te laat voor JR Fleet Fund CV.

Het instemmingsbesluit voor de overdracht werd half juli genomen tijdens een druk bezochte, bewogen vennotenvergadering. Dat de rederij en haar investeerders afscheid moesten nemen van de JR Fleet Fund-schepen hing al enige tijd in de lucht. Sinds de impact van de crisis op de scheepvaartindustrie tastbaar werd, in de tweede helft van 2008, balanceerden investeerders tussen hoop en vrees. De rederij heeft zich bijna tien jaar ingespannen om verlies van geïnvesteerd vermogen tot een minimum te beperken en daar zelf de nodige offers voor gebracht, maar dat mocht uiteindelijk voor de JR Fleet Fund-schepen niet baten.

Het enige perspectief voor de rederij in relatie tot de elf schepen, is dat zij door de Engelse financier gevraagd zal worden om in de rol van scheepsmanager betrokken te blijven. Een perspectief voor de vennootrelaties, is dat hen een mogelijkheid wordt geboden om onder bijzondere condities te investeren in twee van de elf schepen, waarmee ze de komende jaren een rendement kunnen genereren.

Achtergrond

JR Fleet Fund CV is opgericht in 2012, als antwoord op de heftige crisis. Dit gebeurde in nauwe samenspraak met de Duitse scheepsbank die eerder aan de elf afzonderlijke schepen een lening met een eerste hypotheekrecht verstrekte, en met de investeerders in de afzonderlijke schepen. De bank paste in eerste jaren na 2008 al haar financieringsvoorwaarden aan de crisissituatie aan, de vennootrelaties/investeerders en de rederij zorgden voor een aanvullende kapitaalinjectie. Er volgden nog diverse aanpassingen/reddingsmaatregelen, telkens gebaseerd op het perspectief van markherstel, waar de signalen geregeld op wezen, onder meer in 2010, 2013 en 2015. De positieve tendens werd steeds met een nieuwe terugval afgestraft.

In 2017 begon de markt voor containerfeeder schepen ten langen leste structureel te verbeteren. Voor de Duitse scheepsfinancier, die zelf in een transitie verkeerde, kwam dit herstel te laat. Er was geen ruimte om de financieringsvoorwaarden nog een keer aan te passen, waardoor voor de elf schepen een patstelling dreigde. Om het faillissement en/of een gedwongen onderhandse verkoop van de elf containerfeeder schepen voor het einde van 2017 te voorkomen, is de rederij opnieuw in contact getreden met een Engelse financier die al in een eerder stadium belangstelling toonde voor de leningvordering op JR Fleet Fund CV. Dit resulteerde eind 2017 in een door de rederij ondersteund nieuw bod op de leningvordering. Eind december 2017 stemde de Duitse scheepsbank in met een eindbod. Kort daarna is de leningvordering overgedragen.

De rederij heeft haar vennootrelaties steeds in een zo vroeg mogelijke stadium over het precaire proces geïnformeerd. Daarbij domineerde de intentie om samen met de investeerder een herfinancieringsprogramma voor de elf schepen te realiseren, waarbij de vennootrelaties als belanghebbenden betrokken zouden blijven. Hier zijn diverse verkennende studies naar verricht en gesprekken over gevoerd tussen de rederijdirectie en de investeerder.

Instemmingsbesluit overdracht

De uiteindelijke uitkomst van deze studies en gesprekken leidde voor zowel de rederij als de vennootrelaties het moment in, waarop definitief afscheid genomen moest worden van de eigendomspositie in de schepen. In de loop van dit voorjaar maakte de Engelse financier kenbaar geen continuïteitsperspectieven te zien binnen de bestaande eigendomsstructuur. De voorkeur ging uit naar het opzetten van een nieuwe exploitatiebedrijf of – fonds, waarin geen rol was weggelegd voor de voormalige investeerders, zodat er autonome beslissingen genomen kunnen worden over de toekomst van de afzonderlijke schepen. De Engelse financier had voor een overdracht eenvoudigweg haar rechten kunnen uitoefenen, maar de voorkeur ging uit naar het creëren van draagvlak voor een ‘zachte’ overdracht.

Compensatie in de vorm van opportunity investment

Om de weg naar een dergelijke overdracht te plaveien, heeft de rederij aangedrongen op een compensatieregeling. Die is gevonden in de vorm van een nieuw en bijzonder investeringsproject dat vennootrelaties de mogelijkheid biedt om opnieuw te investeren in twee van de JR Fleet Fund-schepen, maar dan tegen gunstige voorwaarden. Het gaat hierbij om twee containerfeeder schepen met een capaciteit van 750 TEU, m.s. Endurance en m.s. Ensemble, die de Engelse financier onder de actuele taxatiewaarde te koop aanbiedt.

Door de lage aanschafprijs kunnen vennootrelaties/investeerders bij een verder herstel van chartertarieven een goed rendement genereren. Mocht een vennoot in JR Fleet Fund CV er geen vertrouwen in hebben dat de tarieven voor containerfeeder schepen geleidelijk verder gaan herstellen, dan vervalt ook de basis om nu in het nieuwe Endurance en/of Ensemble-project te investeren. Herstellen de chartertarieven naar € 7.000,- bruto per dag, dan profiteren ook vennootrelaties die niet actief aan het nieuwe project deelnemen van het aanbod. Aan het rendement op de aan te bieden participaties is namelijk een limiet gesteld – een zogeheten cap – en alle verdiensten daarboven komen ten goede aan een speciaal daarvoor op te richten stichting. De uiteindelijke opbrengst voor die stichting wordt na de korte looptijd van het project (naar verwachting circa vier jaar) onder alle JR Fleet Fund CV vennoten verdeeld.

Bovendien is er in het investeringsplan van de nieuwe Endurance en de Ensemble projecten een ‘transactievergoeding’ opgenomen van in totaal € 500.000,-. Die ‘transactievergoeding’ – die in de nieuwe Endurance en Ensemble projecten meegefinancierd gaat worden – komt, indien alle participaties geplaatst kunnen worden, direct ten goede aan de elf deelnemende schepen. Vennoten in JR Fleet Fund CV worden daar dan automatisch over geïnformeerd. Tijdens de instemmingsvergadering van medio juli dit jaar hebben vennootrelaties welwillend op de opportunity investment gereageerd.

Daardoor gestimuleerd, heeft de rederij het project nader uitgewerkt. Dezer dagen worden de betrokken JR Fleet Fund-vennootrelaties nader over de mogelijkheid tot deelname geïnformeerd. Gezien het principiële uitgangspunt van deze opportunity investment – het bieden van enige compensatie voor geleden verliezen van geïnvesteerd vermogen als gevolg van de lange en diepgaande crisis in de markt voor containerfeeder schepen – is deelname in eerste instantie exclusief voorbehouden aan de betreffende vennootrelaties/investeerders. Dezer dagen ontvangen zij voor beide schepen een prospectus. Daarmee gaat het project formeel van start. De investeringsmogelijkheid wordt naar verwachting tot eind september 2018 aangeboden.

Terug naar nieuwsoverzicht

Meer informatie?

De gerealiseerde herfinanciering betekent: nieuw perspectief voor de betreffende elf containerschepen, de investeerders en rederij.

Wilt u meer weten over deze unieke herfinanciering? Wij staan u graag te woord.

Eelco van der Heide
head of JR Ship Investments
+31 (0)517 - 431 225